Lustrumloopje
Dit jaar vieren Arnold en ik een lustrum op Ameland. Het is namelijk onze vijfde Adventurerun op rij en we kunnen inmiddels dus wel spreken van een vaste traditie. Voor Bas en Hans is het de eerste keer dat ze meedoen. Ze hebben geluk, want het parcours is aangepast en verbeterd ten opzichte van eerdere edities.

Een grauw en grijs Holwerd.
Naar Holwerd
Om acht uur pikt Hans mij op en tien minuten later stapt Bas in. Tegen half negen bereiken we Marum, waar Arnold ons trakteert op koffie. Een half uurtje later rijden we naar het nog grauwe en grijze Holwerd. We zijn ruim op tijd voor de boot van half elf.
In de vertrekhal treffen we Liset, die alweer voor de zesde keer meeloopt. We praten even bij, maar kunnen elkaar soms lastig verstaan, want de plaatselijke blaaskapel vindt het een goed idee om alle passagiers weg te blazen met hun hoempapaherrie. Ga anders lekker buiten staan met je tuba!

Tijd om aan boord te gaan.
Zonnetje
De overtocht verloopt soepel en drie kwartier later bereiken we het eiland. Inmiddels breekt het zonnetje nu toch echt door, al verdwijnen de grijze wolken niet volledig. Uiteraard brengen we weer een bezoek aan restaurant De Piraat, zodat Arnold zijn favoriete pannenkoek met ham, kaas en ui kan bestellen. In de keuken belandt de ui echter op de kaas-pannenkoek van Hans. De tosti van Bas en mijn uitsmijter van het huis voldoen wel volledig aan hun verwachtingen.

Op weg naar restaurant De Piraat.

Het zonnetje breekt door.

De uitsmijter van het huis.
Naar de sporthal
Een uurtje later gaan we op weg naar Nes, waar het centrum inmiddels al met dranghekken is afgezet. Ook de fans van ene Ed zijn klaar met hun voorbereidingen en moedigen hun held aan met een prachtig spandoek.
In de sporthal kleden we ons rustig om en tref ik Kees, waarmee ik een groot deel van de RUN van Winschoten samen liep. Daarna wandelen we terug naar het dorp.

We gaan op weg naar Nes.

Ed heeft fans.

Omkleden in de sporthal.

Nog even een groepsfoto.
Start
Zodra de deelnemers aan de tien kilometer begonnen zijn met hun race, zoeken we een plekje in het startvak, ergens halverwege.
Om kwart voor twee klinkt het startschot. Ik maak meteen tempo, want ik heb geen zin in de drukte. Daardoor gaat mijn eerste kilometer eigenlijk een tikkie te snel, maar ik zie wel hoe lang ik het volhoud. In het Kweekbos was het de afgelopen jaren vaak glibberen over de natte bladeren, maar met de gladheid valt het nu wel mee. Het is er wel behoorlijk modderig.

In het startvak.

Op weg naar het Kweekbos.
Op het strand
Daarna gaan we op weg naar de zee. Het goudgele strand van Ameland ligt er prima bij en waar de meeste lopers richting de vloedlijn trekken, loop ik in het eerste strandstuk zo dicht mogelijk bij de duinen. Dat gaat prima, want het zand is vrij hard. Ook iets verderop bij het tweede stuk over het strand kies ik daarom dezelfde tactiek. Hier krijgen we wel even een flinke regenbui over de kop. Na zo’n 8,5 kilometer verlaten we het strand en belanden op een nieuw deel van het parcours.

Richting het strand.

Het eerste stuk op het strand.

Even verderop gaan we nog een keer het strand op.

Het tweede stuk over het strand.
Vernieuwd parcours
Achter de duinen lopen we ongeveer anderhalve kilometer verder in oostelijke richting. De grijze regenlucht heeft inmiddels plaatsgemaakt voor een fraaie blauwe lucht. Bij ’t Wastuuntje keren we om en lopen over het Kooistuifdijkpad en een schelpenpad achter de duinen zo’n drie kilometer terug in westelijke richting. Tegen de wind in, dus dat is hier en daar wel even pittig.

We rennen verder in oostelijke richting.

De pot met goud staat vandaag op Ameland.

Terug in westelijke richting.
De Bureblinkert
Met zo’n dertien kilometer in de benen slaan we op het Boekepad linksaf, rennen een stuk door het kleine bosje van de Buurderduinen en gaan dan in oostelijke richting op weg naar de Bureblinkert, een heuvel van vijftien meter hoog. Wel een aardig hoogteverschil dus, maar de helling zelf is niet heel steil.

Door het kleine bosje van de Buurderduinen.

We beklimmen de Bureblinkert.

Op de Bureblinkert.
Verbetering
Door het duinlandschap en via camping Klein Vaarwater gaan we op weg naar Buren. Vanaf daar zijn de laatste drie kilometers naar Nes weer hetzelfde als voorgaande jaren. Het inruilen van het saaie stuk langs de waddendijk voor kilometers door de duinen en bos is absoluut een verbetering van het parcours!

Terug in Nes.
Binnen!
Een eindsprint zit er niet meer in, maar ik heb lekker gelopen en met mijn 1:47 uur ben ik dik tevreden. Ik ben zowaar zelfs acht minuten sneller dan vorig jaar en afgaande op de statistieken heb ik best constant gelopen.

Binnen!

Nabeschouwen
Met een medaille en buff om mijn nek wandel ik terug naar de sporthal en neem een douche. Al snel tref ik Bas, die slechts vijf minuten na mij over de streep was. Een nabeschouwing zit er even niet in, want wederom de hoempapaherrie van de plaatselijke droeftoeters maakt elk gesprek in de sporthal onmogelijk. Ga anders lekker buiten staan met je tuba! Gelukkig druipen de ‘muzikanten’ even later af.
Terwijl ik napraat met Kees (onder de 1:40, keurig!) en Liset (een PR van 1:38, gefeliciteerd!) komen Arnold en Hans ook al binnen met een eindtijd van rond de twee uur.

Met een welverdiende medaille.
Pasta party
Zodra iedereen opgefrist is, lopen we terug naar restaurant De Piraat voor het gebruikelijke pastabuffet. We laten ons de pasta goed smaken en pakken dan de boot van half zes terug naar Holwerd. Voor de vijfde keer op rij was het weer een fraai dagje Ameland. Tot volgend jaar!

Het is bomvol bij De Piraat.

Pasta!

Terug met de boot van 17.30 uur.

Was weer geslaagde Adventure Run Ameland! Ook weer prima verslag van onze 5de. Op naar geslaagd 2018-loopjaar.
Ja, dit was een prima lustrum zo. Volgend jaar is ie op 15 december. Zet alvast maar in je agenda. 🙂
Hahaha, de droeftoeters ?
Die lui waren echt té nadrukkelijk aanwezig. 🙂
Hoempapa-geteisem. Die Ed.. dat kan er toch maar één zijn: Ed Raket a.k.a. Ed Nijpels.
Haha, Ed Raket! Ik zie twee Eds bij de uitslagen, maar geen Ed Nijpels. Hij zal wel onder een schuilnaam hebben gelopen. 😉