Bambinoloop

Begin dit jaar lanceert organisator Gerik het plan voor de Sint Annen 240. Een eindejaarsloop met drie verschillende etappes van zo’n 80 kilometer. Ik moet wel even wennen aan het idee, want 240 kilometer is nogal een eind. Kan ik dat wel? Toch schrijf ik me eind september in, want de uitdaging spreekt me aan en de tijdslimiet is ruim. Geen idee hoe ver ik kom, maar je moet wel starten om te kunnen finishen. En mochten drie ronden niet lukken, dan zijn ook de 100 mijl kidsrun (2 ronden) en de 50 mijl-bambinoloop (1 ronde) mooie afstanden om op terug te vallen.

Naar Sint Annen

Samen met Lút rij ik ’s ochtends naar Sint Annen. Daar worden we door Gerik en Henriëtte ontvangen met koffie en cake. Ook Eddy is er al. Hij waagt zich eveneens aan de langste afstand. In totaal zijn er vier deelnemers voor de 240 kilometer en drie deelnemers voor de bambinoloop.

Voor de start. (foto: Henriëtte)

Naar Sint Annen

Iets voor negenen verzamelen we ons bij de klokkentoren van Sint Annen. Door een technische aanpassing kunnen de klokken helaas niet geluid worden, maar de beiaardier heeft een alternatief. Om stipt negen uur slingert hij een luchtalarm aan, zodat het hele dorp weet dat de ultraloop is begonnen.

Zeven deelnemers en organisator Gerik. (foto: Henriëtte)

Geen klokken, maar een luchtalarm.

Ronde 1

We vertrekken in de richting van Ten Boer en slaan na bijna twee kilometer linksaf het open Groninger land in. Het is warmer dan ik dacht en al vrij snel stop ik even om een laagje uit te trekken. Na een kilometer of acht lopen we het dorpje Winneweer binnen.

We lopen het open Groninger land in.

Onderweg naar Winneweer.

Stadsweg

Vanaf daar lopen we over de Stadsweg naar Appingedam. Langs het Damsterdiep kronkelen we onder meer door Garrelsweer en Wirdum voordat we na zo’n vijftien kilometer Appingedam bereiken.

Langs het Damsterdiep.

Garrelsweer.

Over de Stadsweg.

Appingedam

We lopen eerst een stuk langs de rand van Appingedam en belanden drie kilometer verderop bij het Harddraversplein. Zeer toepasselijk.

Appingedam.

Harddraversplein.

Spontane VP

Daar ergens staat ook Jacolien klaar met een spontane verzorgingspost. Aanvankelijk zou Jacolien een stuk van de route meelopen, maar daar zag ze toch van af. In plaats daarvan ontvangt ze de lopers met eten en drinken.

Een spontane verzorgingspost van Jacolien.

Lút en ik zijn nog fris en fruitig. (foto: Jacolien)

Lastig

Door de korte stop ben ik aangehaakt bij Lút. Via Opwierde belanden we bij het Eemskanaal en lopen over de brug naar de overkant. De komende tien kilometer vind ik uiteindelijk best lastig. Op de Vennendijk haak ik geleidelijk af bij het tempo van Lút. Bij Oosterwierum hebben we veel last van de wind en de industrie-omgeving is ook niet echt een lust voor het oog.

Het fraaie kerkje in Opwierde.

Langs het Eemskanaal.

Omhoog naar de brug, want we steken het Eemskanaal over.

Over de Vennendijk.

Bij Oosterwierum.

Miezer

Inmiddels is het gaan miezeren. Met mijn regenjasje ben ik daar goed op gekleed, maar de miezer houdt lang aan. Dat gaat je letterlijk en figuurlijk niet in de koude kleren zitten. Met de capuchon op de kop fungeert mijn jasje als een broeikas en ik begin flink te zweten.

Lalleweer.

Obstakel.

Over het fietspad naar Nieuwolda.

VP1: ’t Waar

Via Nieuwolda belanden we in het dorpje ’t Waar, de residentie van Henri. Na zijn eigen ultraloopcarrière is hij als organisator en vrijwilliger nog steeds zeer actief in ultraloopland. In zijn garage ontvangt Henri ons met onder meer koffie en kerstkransjes. Vrij snel na mijn aankomst schuiven ook Johan en Wessel aan in de overdekte verzorgingspost.

Gearriveerd in ’t Waar.

Hier moeten we naartoe.

De verzorgingspost van Henri.

Lange rechte stukken

De komende zeventien kilometer kenmerken zich vooral door lange rechte stukken door het open landschap. Af en toe is er afwisseling in de vorm van een dorp (Noordbroek en Froombosch), maar voor de rest gaat de blik op oneindig en is het doorbuffelen.
Na Noordbroek ben ik bijgehaald door Wessel. Omdat hij na elke vier kilometer een kilometer wandelt wisselen we geregeld stuivertje, maar de aanspraak is zeer welkom. Net voor Slochteren lopen we een heel stuk met de wind mee. Het zweet gutst van onze koppen.

Lange rechte stukken.

Noordbroek.

Langs het Strijkijzermuseum.

Nog meer lange rechte stukken.

Bij Froombosch.

Het wordt donker

Bij ’t Roegwolt begint het langzaam donker te worden en gaat de hoofdlamp op. Ik kan het tempo van Wessel niet helemaal bijhouden, maar op het stuk langs Woudbloem, Schaaphok, Lageland en Woltersum zie ik hem steeds wel in de verte lopen. Hoewel mijn tempo geleidelijk daalt zit ik nog steeds lekker in de race. Mentaal voel ik me goed en ook aan mijn voeten heb ik geen pijntjes.

’t Roegwold.

De ijzeren klap in Lageland.

In de verte Ten Boer.

Mis

Maar in Ten Boer gaat het ineens mis. Om de drukke Rijksweg over te steken wacht ik even voor het stoplicht. Als ik me weer in beweging zet voel ik een pijnscheut in mijn rechterheup. De pijn straalt uit naar mijn been en plotseling ben ik aan het strompelen. In de resterende vier kilometer trekt de pijn niet weg en is wandelen ook pijnlijk.

Pauze

Tijdens de pauze besluit ik het eerst maar even aan te kijken. Misschien doet de rust mijn heup wel goed. Lút is alweer onderweg voor zijn tweede ronde, maar binnen zitten Peter, Wessel en net na mij arriveert ook Johan. Van Henriëtte krijg ik groentesoep, pasta en uiteindelijk ook een puddingbroodje. Even op krachten komen.

Pasta.

Puddingbroodje!

DNF

Helaas houdt de pijn in mijn heup aan en besluit ik ermee te stoppen. Zo kan ik niet door en maak ik misschien wel meer kapot dan me lief is. Het is de verstandigste beslissing, maar ik baal er enorm van. Tot 78 km zat ik gewoon lekker in de race en vier kilometer later is het einde verhaal. Ik had op meer gehoopt, maar het blijft bij de Bambinoloop.
Zonde, maar geen reden om negatief af te sluiten. Het was namelijk een prima tocht met een gezellig groepje. Gerik, Henriëtte en Henri bedankt voor de gastvrijheid en de goede zorgen.

Misschien vind je de volgende berichten ook leuk...