Achillespeesonderzoek
Als deelnemer aan de Mar-athon in Sneek én inwoner van de stad Groningen werd ik uitgenodigd voor een onderzoek naar achillespeesblessures. Het Sportmedisch Centrum van het UMCG onderzoekt wat er gebeurt in de achillespees als deze wordt belast bij (zware) lichamelijke inspanning, in dit geval het lopen van een marathon. Met deze kennis hopen de onderzoekers meer te leren over het ontstaan van overbelastingsblessures.

Echo
Tijdens het onderzoek worden mijn achillespezen gescand met behulp van UTC imaging, wat staat voor Ultrasound Tissue Characterisation. Een speciaal echoapparaat maakt elke 0,2 mm een opname van de pees en brengt daarmee de structuur exact in beeld. Ik sta steeds met één been op een verhoging, met mijn knie een beetje naar voren gebogen, waardoor mijn achillespees op spanning staat. Het echoapparaat wordt vervolgens met een lading (koude!) gel tegen mijn pees aangezet en scannen maar!

Het echoapparaat, aangesloten op een laptop.
Drie scans
Het scannen is een nauwkeurig klusje, want bij de minste verstoring moet de procedure opnieuw. We moeten inderdaad een aantal keren in de herkansing, maar al met al duren mijn bezoekjes nooit langer dan een kwartier. Behalve de eerste keer, want dan moet ik ook een vragenlijst invullen, maar eigenlijk is dat ook zo gepiept. In totaal maakt onderzoekster Sophie op drie momenten een scan: twee dagen voor de marathon, twee dagen na de marathon en een week na de marathon. Door de scans met elkaar te vergelijken hoopt ze te zien welke reactie is opgetreden in de pezen. Enkele maanden later ontvang ik de uitkomsten van de totale groep en van mij persoonlijk. In begrijpelijk Nederlands.
Echo-typen
De achillespees bestaat uit bundels van vezels. Het programma voor het analyseren van de scans kan bepalen of deze vezelbundels allemaal netjes gerangschikt liggen. Vervolgens maakt het programma een verdeling van de pees in vier verschillende echo-typen, die als verschillende kleuren (groen, blauw, rood en zwart) worden weergegeven. Grofweg kan een verdeling gemaakt worden in consistente peesstructuur (echo-type I en II) en minder consistente peesstructuur (echo-type III en IV). Het onderzoek richtte zich vooral op de echo-typen I en II.
Gemiddelde uitkomsten
De uitkomsten van de scans worden uitdrukt in percentages. De onderzoekers hadden verwacht dat er kort na het lopen van een marathon een daling van het percentage groene vezels en een stijging van het percentage blauwe vezels te zien zou zijn. Verder was de verwachting dat de percentages na een week weer op het niveau van voor de marathon zouden liggen. In onderstaande grafiek staan de gemiddelde uitkomsten van alle deelnemers. In tegenstelling tot de verwachting is er over het algemeen een lichte stijging van het percentage groene vezels kort na het lopen van de marathon. Na een week daalt dit percentage tot onder het niveau van voor de marathon en neemt het percentage blauwe vezels juist toe.

Persoonlijke uitkomsten
Maar hoe zit het dan met mijn persoonlijke uitkomsten? Komen die exact overeen met het gemiddelde beeld? Natuurlijk niet! Dat zou te makkelijk zijn. Laten we de cijfers er eens even bij pakken:
| Linkerpees | Meetmoment 1 | Meetmoment 2 | Meetmoment 3 |
| Echo-type I (groen) | 85,8% | 85,5% | 77,5% |
| Echo-type II (blauw) | 13,8% | 14,4% | 22,4% |
| Echo-type III (rood) | 0,3% | 0,0% | 0,0% |
| Echo-type IV (zwart) | 0,2% | 0,0% | 0,0% |
| Rechterpees | Meetmoment 1 | Meetmoment 2 | Meetmoment 3 |
| Echo-type I (groen) | 86,8% | 85,8% | 74,6% |
| Echo-type II (blauw) | 13,1% | 13,0% | 25,3% |
| Echo-type III (rood) | 0,1% | 0,4% | 0,1% |
| Echo-type IV (zwart) | 0,0% | 0,8% | 0,1% |
Mijn uitkomsten op meetmoment 2 wijken af van de gemiddelde uitkomsten op dat meetmoment, want bij mij is eigenlijk weinig verandering te zien ten opzichte van de eerste scan. Op meetmoment 3 komen mijn uitkomsten wel overeen met het gemiddelde beeld.
Conclusie
Omdat de uitkomsten anders zijn dan verwacht leidt dit onderzoek niet tot boude uitspraken van de onderzoekers:
“Uw achillespezen bestaan op alle meetmomenten uit meer groene/blauwe vezels dan rode/zwarte vezels. Tegen onze verwachting in waren er kort na het lopen van de Mar-athon vrijwel geen veranderingen te zien in de verdeling van percentages. Na een week leek er wel een reactie te zijn. Het zou kunnen dat het lopen van een marathon pas na een aantal dagen een effect heeft op de peesstructuur en dus niet direct zichtbaar is. Al met al zullen we meer onderzoek moeten doen voordat we zeker weten wat het precieze effect van hardlopen op de peesstructuur is.”
Keiharde conclusies zijn dus niet te trekken, daarvoor is meer onderzoek nodig. Toch hebben de onderzoekers wel een goed eerste beeld gekregen van de reactie van de achillespees na het lopen van een marathon. En mocht dat vervolgonderzoek er komen, dan hou ik me uiteraard aanbevolen als deelnemer.
